CFR (Capaciteitsmanagement, Flexibiliteit en Roostermethode)

Om CFR duidelijk te maken, beantwoorden wij de 3 belangrijkste vragen:

Wat is CFR?
Capaciteitsmanagement is een wijze van dynamisch begroten waarbij alle noodzakelijke activiteiten worden gedefinieerd: in uren, jaaruren vertaald in Fte’s en minimale kwaliteit. Vervolgens wordt op basis van deze definiëring ook bepaald wat er aan vaste en flexibele bezetting noodzakelijk is. Dit is een Volumebegroting.

Resultaat van de Volumebegroting is de Flexformule: een verhouding tussen vaste en flexibele formatie. De Flexformule wordt afgezet tegen de bestaande formatie. Dit wordt gedaan in de Formatiebegroting. Centrale thema: komen de Fte’s vanuit de Flexformule overeen met de aanwezige optelsom van Fte’s van medewerkers? 
De formatie wordt tevens financieel vertaald.

Tot slot kan de Financiële begroting worden opgemaakt. Hier worden inkomsten en uitgaven tegen elkaar afgezet. Dan kan worden bepaald of een de gedefinieerde activiteiten, met een aangegeven formatie exploitabel zijn of niet.

Roostermethode is een vorm van cyclisch roosteren, waarbij medewerkers in een basisstructuur aan het werk gaan. Deze basisstructuur wordt door medewerkers zelf gedefinieerd tot een basisrooster, zodat balans tussen werk en privé maximaal geborgd kan worden. Vervolgens wordt het basisrooster omgezet naar een planningrooster, waarin planbare verstoringen worden verwerkt. Denk aan vakanties en feestdagen. Tot slot wordt vanuit het Planningrooster een Productierooster gehaald: het definitief te werken rooster.

Wat doet het?
Capaciteitsmanagement is sturen door dynamisch te begroten. Door steeds vooraf te weten “Wat gebeurt mij als….” kan er gestuurd worden aan de voorkant van een proces. Het overkomt je niet, maar je kiest bewust daarvoor.

Flexibiliteit betekent inzet van medewerkers op de momenten dat het nodig is.

Roostermethode is het efficiënt plannen van medewerkers op basis van capaciteitsmanagement. Daarbij is balans van medewerkers tussen verantwoordelijkheden naar het werk en naar privé een uitgangspunt.

Wat levert het op?
Deze vraag beantwoorden wij vanuit verschillende optieken:

De werkvloer:
Noodzakelijke activiteiten die met elkaar zijn gedefinieerd ook in de praktijk echt kunnen uitvoeren, binnen een rooster dat aansluit bij de eigen privésituatie.

De manager:
Het stuur in handen door vooraf te kunnen voorspellen wat er gaat gebeuren bij iedere denkbare verandering. Efficiënt sturen op mens en middelen.

De organisatie:
Transparante structuren en processen, welke binnen de vastgestelde begroting kunnen draaien. Mogelijke besparing op personele kosten tussen de 2 en 6 % van de totale salarissom.